Onderzoeksproject 2015-2017

Waar : Ticuna-volk van de Boven-Solimões rivier, deelstaat Amazonas, Brazilië.

Onderwerp: Het Feest van het Nieuwe Meisje

Toelichting: Een meisje dat voor het eerst menstrueert, wordt afgezonderd in een aparte ruimte van de ouderlijke woning (vroeger: collectieve woonhut). De overgang van kind naar Nieuw Meisje, Worecü, wordt gevierd met een feest dat drie dagen duurt. De ouders en familie van het meisje beginnen maanden voordien aan de voorbereidingen van het ritueel. Ze verzamelen voedsel (maniok, vlees en vis uit jacht en visvangst), herstellen de feesthut, fabriceren maskerpakken, nodigen de gasten uit, enzovoort. Bij aanvang van het feest, na maanden van isolatie van het meisje, wordt het meisje ondergebracht in de kraal, een afgesloten ruimte in de feesthut, die de baarmoeder voorstelt. Tal van rituelen vergezellen het feest. Zoals: de rituele dans waarbij belangrijke grondstoffen het dorp binnengebracht worden, het ornamenteel beschilderen van de gasten, muziek en dans, de opsmuk van het meisje, het nuttigen van maniokbier, het optreden van de maskerpakken, het bevrijden van het meisje uit de kraal, de haarpluk van het meisje en tenslotte de rituele reiniging in de rivier en de opname van het Nieuwe Meisje in de gemeenschap.

Ondanks de pogingen en bedreigingen van de indringer en bezetter om het (culturele) voortbestaan van het Ticuna-volk te hypothekeren, konden de Ticuna-indianen, mede door de kracht van het feest, zich meer dan driehonderdvijftig jaar handhaven in deze dreigende en alles verslindende omgeving. Bij mijn aankomst bij het Ticuna-volk (in 1984) werd er gewag gemaakt van de zachtaardige en passieve houding van dit inheems volk. Ze waren meegaand en konden daardoor overleven; tal van buurvolkeren werden nagenoeg gedecimeerd of verdwenen definitief van het aardoppervlak door hun verzet(?) tegen de bezetter. Raadpleging van vakliteratuur leert nochtans dat de Ticuna zich allesbehalve passief onderwierpen aan de imperialistische blanken. Integendeel.

Het Feest van het Nieuwe Meisje is door de eeuwen heen nooit volledig uit de Ticuna-gemeenschappen verdwenen, zie de getuigenissen van kroniekschrijvers, avonturiers en onderzoekers zoals Spix en Martius (periode 1817 – 1820) of H. W. Bates (periode 1848 – 1859). Het feest kon bovendien standhouden toen eind jaren zeventig van de twintigste eeuw, de Messias, José da Cruz, de Ticuna-dorpen inpalmde met zijn Broederschap van het Heilig Kruis, de zoveelste grote bekeringsgolf die de indianen van de Boven-Solimões moesten ondergaan.

Dit zegt veel over de dynamiek en de draagkracht van dit feest. In de jaren tachtig (20ste eeuw) bleek nogmaals dat het Feest van het Nieuwe Meisje een belangrijke joker en een ijzersterk identiteitselement is om zich te onderscheiden als inheems volk en om aanspraak te maken op hun grondrechten, zoals voorzien in de Braziliaanse grondwet.

 

Doel:

Het in kaart brengen van de dorpen waar het feest van het Nieuwe Meisje nog beleefd wordt. Peilen naar het waarom, het belang, de betekenis, de bedreigingen en de toekomst van het feest en welke middelen en argumenten ze aanwenden om de continuïteit van het feest te verzekeren. Bovenal wens ik alle facetten van het feest aan een grondige studie te onderwerpen net als de diepere betekenis van het feest zelf.

Voor mijn onderzoek is veldonderzoek in de verschillende Ticuna-dorpen onontbeerlijk. De centrale speler is natuurlijk het volk zelf. Het onderzoek kan alleen doorgaan mits hun goedkeuring en medewerking.

Groot obstakel in het onderzoek, los van alle ongemakken die een verblijf in de tropen meebrengen, zijn de grote afstanden tussen de dorpen, die enkel via de rivier te bereiken zijn. Honderden liters brandstof en olie voor de motorboten, wat een aanzienlijke kostprijs is, moeten meegezeuld worden om de dorpen te naderen.

Daniel De Vos 14 oktober 2015